Carpaal tunnel syndroom (CTS)

Carpaal tunnel syndroom

Een vriendin in Antwerpen vertelt me dat ze vergelijkbare symptomen heeft gehad. Bij haar werd de diagnose ‘carpaal tunnel syndroom’ gesteld. Carpaal tunnel syndroom… nooit geweten dat ik een ‘carpale tunnel’ heb. Sterker nog: álle mensen hebben dit! Het is een soort buisje aan de handpalm zijde van je pols waar alle zenuwen van de hand door lopen. Dit schijnt door diverse oorzaken verstopt te kunnen raken, bijvoorbeeld door (vocht ophouden tijdens de) zwangerschap.

Ik zoek online naar informatie:

Het carpaal tunnel syndroom (CTS) is een beknelling van de middelste handzenuw (nervus medianus) in de pols. Deze zenuw loopt van je onderarm door je pols naar je hand. De ruimte in je pols waar de zenuw doorheen loopt, ligt aan de zijde van de handpalm en heet de carpale tunnel. Door deze tunnel lopen ook de pezen die ervoor zorgen dat je je vingers kunt buigen. In de carpaal tunnel kan een zwelling ontstaan waardoor de druk in de tunnel toeneemt. Doordat de zenuw de zachtste structuur in de carpale tunnel is, is deze het meest gevoelig voor verhoogde druk en kan de zenuw bekneld raken. 

Doordat de middelste armzenuw bekneld zit als je het carpaal tunnel syndroom hebt, kun je de volgende symptomen krijgen: 

  • Tintelende hand of vingers, vooral in je duim, wijs-, middel- en een deel van je ringvinger kun je last van tintelingen hebben. 
  • pijn in je hand of vingers. De pijn kan uitstralen naar je onderarm en elleboog tot in je schouder. 
  • Slapende vingers of hand. 
  • Gevoelloze, stijve vingers of hand.
  • Minder kracht in je hand. Dit kan ertoe leiden dat je soms zomaar dingen uit je handen laat vallen. 

’s Nachts zijn de klachten erger, waardoor je slechter kunt slapen. Ook worden je klachten erger als je je hand veel gebruikt, bijvoorbeeld tijdens autorijden, fietsen of lezen. 

Nou, de symptomen komen in elk geval sterk overeen! Alleen de manier waarop het omschreven is, doet veel milder overkomen dan de werkelijkheid. Of in elk geval, veel milder dan wat ík voel. De pijn is echt ondragelijk. Inderdaad is het ’s nachts erger, maar ik slaap niet ‘slecht’, ik slaap gewoon NIET.